TsjaadNaslagwerk over Tsjaad

Provincies — vulkanisch hooggebergte in de SaharaHoofdplaats: Bardaï · Emi Koussi 3.415 m

Tibesti: de hoogste en leegste provincie van Tsjaad

In het noordwesten van Tsjaad ligt een vulkanisch massief dat tot boven de 3.400 meter reikt, groter is dan het hele Nederlandse grondgebied maal drie, en waar minder mensen wonen dan in een middelgrote Nederlandse gemeente.

Een provincie zo groot als een land

Tibesti beslaat de noordwestelijke punt van Tsjaad en meet ruwweg 120.000 vierkante kilometer. In het noorden ligt de grens met Libië, in het westen die met Niger; binnen Tsjaad is Borkou de enige buurprovincie, in het zuiden en zuidoosten. De provincie bestaat sinds 2008, toen de reusachtige regio Borkou-Ennedi-Tibesti in delen werd opgesplitst. De bevolking is minimaal: de telling van 2009 kwam op ruim 20.000 inwoners, en ook de hoogste huidige schattingen blijven onder de 40.000. Dat is minder dan één inwoner per drie vierkante kilometer.

Bardaï en Zouar

Hoofdplaats Bardaï ligt in een wadi in het hart van het gebergte, op ongeveer 1.000 meter hoogte, met palmtuinen langs de bedding. Het is een garnizoensplaats, een marktdorp en het bestuurlijke middelpunt van het noorden, met hooguit enkele duizenden vaste bewoners. Zouar, in het westelijke departement, vervult dezelfde rol voor het gebied richting Niger. De verbinding met de rest van het land loopt over honderden kilometers piste naar Faya-Largeau, de grootste oasestad van het noorden; een lijnvlucht is er niet.

Vulkanen, kraters en warme bronnen

Het Tibesti is een vulkanisch massief van basalt en ignimbriet dat abrupt uit de vlakte oprijst. De Emi Koussi is met 3.415 meter de hoogste top van zowel Tsjaad als de hele Sahara; de Pic Toussidé in het westen komt boven de 3.200 meter uit en vertoont nog vulkanische activiteit. Bij Soborom borrelen zwavelbronnen en fumarolen uit de grond, waar mensen uit de omgeving in baden. Het klimaat is hyperaride, maar op hoogte valt af en toe regen en in de winter kan het ’s nachts vriezen — op de toppen is bij hoge uitzondering sneeuw waargenomen. Meer over het massief zelf staat bij het Tibesti-gebergte.

De Toubou

Vrijwel de hele bevolking behoort tot de Toubou, en dan met name de Teda, die het gebergte al eeuwen bewonen. Ze houden kamelen, geiten en dadelpalmen, wonen in kleine gehuchten bij bronnen en trekken over routes die van vader op zoon worden doorgegeven. Toubou-mannen dragen vaak een gezichtsdoek tegen zand en zon; de taal, Tedaga, staat los van het Arabisch. Hun reputatie als onafhankelijke woestijnbewoners is niet gratis verkregen: het Tibesti was in de burgeroorlogen van de jaren zeventig en tachtig het thuisfront van gewapende bewegingen die zich tegen de regering in de hoofdstad keerden.

Goud, mijnen en een betwiste grens

Sinds omstreeks 2012 trekken goudvondsten in het grensgebied met Libië en Niger duizenden gelukzoekers naar het noorden. De artisanale winning levert inkomsten op, maar ook geweld, smokkel en spanningen tussen lokale gemeenschappen en het leger; het gebied is meermalen door de autoriteiten gesloten verklaard. Daar komt een oudere erfenis bij: de Aouzou-strook langs de Libische grens werd in 1973 door Libië bezet en pas na een uitspraak van het Internationaal Gerechtshof in 1994 aan Tsjaad teruggegeven. Uit die oorlog liggen er nog landmijnen. Reizen in Tibesti vergt vergunningen en een begeleide expeditie; westerse overheden raden bezoek doorgaans af, zie veiligheid in Tsjaad.

Wat eromheen ligt

Wie Tibesti verlaat, komt onvermijdelijk in Borkou terecht, met zijn oasen en zoutvlakten. Verder oostwaarts ligt Ennedi-Ouest, waar zandsteen in plaats van vulkanisch gesteente het landschap maakt, en zuidelijk begint bij Moussoro de sahelprovincie Barh el Gazel.

Trou au Natron: in het noorden van het massief gaapt een krater van zo’n acht kilometer doorsnede en circa duizend meter diep, met op de bodem een oogverblindend witte laag natriumcarbonaat. Toubou-herders klimmen erin af om het zout te winnen — een tocht van uren, heen door de wand naar beneden en zwaarbeladen weer omhoog.

Verder lezen